Faciliteren met een twist (deel 6)

In mijn vorige vijf blogs heb ik een algemene aanpak beschreven die je kunt hanteren als deelnemers een werkvorm afgezaagd of sleets vinden. Je kunt gaan faciliteren met een twist en ik heb voorbeelden gegeven van hoe je werkvormen kunt twisten.

Een andere reden om te twisten
Tijdens mijn trainingen krijg ik soms de volgende vraag: “Tijdens de training leren jullie ons een heleboel nieuwe en interessante werkvormen. Wat moet ik doen als ik merk dat mijn deelnemers afhaken, omdat ze nog niet openstaan voor deze werkvormen?” Dit is de tweede reden om een werkvorm te twisten en deze hangt samen met wat de deelnemers aankunnen of acceptabel vinden. Je geeft er in dit geval geen twist naar het onverwachte aan, maar een twist naar het verwachte.

Om dit duidelijk te maken, trek ik de vergelijking met leren. Voor leren geldt dat je drie zones van leren hebt: de comfort zone, de stretch zone en de panic zone (zie onderstaand plaatje). Leren doe je niet in je comfort zone en ook niet in je panic zone. Leren doe je in je stretch zone.

lerenWat voor leren geldt, geldt ook voor workshops en brainstorms. Blijf je, als facilitator, met je werkvormen die je gebruikt in de comfort zone van de deelnemers, dan ontstaan niet de vernieuwende ideeën of vinden de deelnemers niet de antwoorden op de vraag van de opdrachtgever. Gebruik je werkvormen die de deelnemers in de panic zone brengen, dan slaan ze dicht en komt er dus helemaal geen antwoord. Je moet er als facilitator voor zorgen dat de werkvormen die je inzet in de stretch zone van de deelnemers komen resp. blijven. Hoe groot die stretch zone is hangt af van het bedrijf, de bedrijfscultuur, de groep en of je een interne facilitator bent of wordt ingehuurd. Werk je vaker met dezelfde groep, dan kun je voorzichtig proberen de werkvormen iets verder op te rekken.

Daarom in deze blog een paar voorbeelden van het aanpassen van werkvormen om ze in de stretch zone van de deelnemers krijgen.

Situatie 6

  • Kennismaking
    Bij werkvormen heb ik twee voorbeelden gegeven van kennismakingswerkvormen: de kennismaking m.b.v. foto’s en bloem kennismaking. Gaan deze werkvorm te ver, maak er dan gewoon een lijst van. Of start met nuttig-vragen als: “Wanneer is deze bijeenkomst voor jou nuttig?” of “Welke inbreng kun jij deze bijeenkomst geven?” Schrijf de antwoorden op een flip-over met de de naam van de deelnemer erbij en loop ze aan het eind van de bijeenkomst nog een keer langs.
  • De lijnopstelling
    Deze sterke werkvorm wordt vaak gebruikt om inzicht te krijgen in de mening van de deelnemers. Door de opstelling in de ruimte ontstaat een verhouding tot elkaar.
    Is het niet mogelijk een dergelijke opstelling te maken, dan kun je natuurlijk een lijn van 1 tot 10 op een flip-over tekenen. De deelnemers geef je een sticker waarop ze hun naam schrijven en die sticker laat je opplakken op de flip-over. Daarna kan hetzelfde gesprek plaatsvinden als bij een ‘echte’ lijnopstelling.
    Datzelfde kun je ook doen voor een tijdlijn.
    Je kunt de deelnemers al iets meer stretchen door een thermometer of meters met een wijzer te tekenen.
  • Energie opwekken
    Bij bijeenkomsten kan het soms nuttig zijn om een energieboost te geven. Hiervoor zijn heel veel werkvormen bedacht. Wil je energie in de groep brengen dan kun je dat ook bereiken door: de deelnemers te vragen op een andere plek te gaan zitten of door halverwege de bijeenkomst naar een andere locatie te verhuizen.
  • Energie verminderen
    Soms is de energie in de groep te hoog. Op dat moment wil je juist de energie naar beneden brengen. Hiervoor zijn zogenaamde downsizers heel geschikt. Energie naar beneden brengen kun je ook bereiken door deelnemers een opdracht te geven waarbij ze even in stilte voor zichzelf werken.

Conclusie
Heel veel werkvormen kunnen zodanig aangepast worden dat ze in de stretch zone van de deelnemers blijven.

Heb je behoefte aan een intervisie op jouw workshopontwerp of wil je van gedachten wisselen over het ‘Twisten’ van werkvormen, neem dan contact met me op.

Wil je zelf leren groepen te begeleiden / te faciliteren? Dan kan ik je de training ‘Faciliteren van Professionals’ aanraden. De eerst volgende opleiding start op 22 november in Driebergen. Hiervoor zijn nog een paar plekken vrij.

Wil je weten of je een groep zelf kunt begeleiden, intervisie nodig hebt of een facilitator in moet schakelen? Beantwoord dan 8 eenvoudige vragen en krijg direct per mail een advies.

Deze blog verscheen ook op 31-10-2016 op Pulse. Vind je hem leuk? Wil je hem dan daar s.v.p. liken?

Terug naar het overzicht